Home » Preken archief » Preken A jaar 2019-2020 » Tweeëndertigste zondag

A-08/11/2020 - 32e zondag door het jaar  - WILLIBRORDZONDAG

 

“Later kwamen ook de andere meisjes en riepen: Heer, Heer; doe open voor ons.

Maar hij antwoordde: Ik ken u niet…”

                                                                                                               ( Mt.25:11-13 )

Dierbare gelovigen,

 

We hebben weer mooie tijden meegemaakt, en daarmee bedoel ik het feest van de Hemel en de Aarde, van alle heiligen, waarbij uitdrukkelijk nog eens werd gezegd: DIT is het feest , maar niet alleen van alle heiligen, die ook nog de geschiedenis van de kerk, grote vrouwen en mannen, uitstralend, door niemand van ons - om zo te zeggen- onnavolgbaar zijn….

vandaag zijn we nog dicht bij het feest van de Heilige Willibrord.

Maar toch nog op deze zondag, waarop we de levens van ontelbare kleinen, aan wie Jezus in het evangelie, weinig kans gegeven lijkt te hebben; zelfs de domme meisje uit de parabel, die opgetogen zitten te wachten op de Bruidegom,….Ja, gelovigen, willen zich toch aangesproken voelen en meemaken….en de domme meisjes gaven zoveel aandacht aan hun dromen, en hoe het zal zijn, en hoe Hij er uit zal zien

 

Ik sta hier ook als een kleine mens, en durf sprekend over hemel en aarde, waar we toch naar op weg mogen zijn, want wat zou er voor ons over zijn, bij de goede Vader en Schepper van Hemel  en Aarde…

Heiligen worden  afgeschilderd als zo onnavolgbare vrouwen en mannen, dat we hen aan roepen, bij onze gebeden, voor wie we genezing van ziektes vragen, of uitzicht in de zware tijden die we samen nu doormaken……

En toch laat de goede God aan deze, onze geschiedenis, waarin de hemelpoort ontoegankelijk dicht gemetseld zijn…….ja, zo heb ik mensen horen praten als ze gevraagd hadden om toch maar de laatste sacramenten te mogen ontvangen…..misschien  hopend toch op een kleine kans.

In de tweede lezing schrijft Sint Paulus zijn bekende zinnen voor ons op, taal van geloof, hoop en liefde, ondanks onze kleinheid.

‘Wij willen u niet onwetendheid laten over het lot van hen die ontslapen zijn….ja, de namen van zoveel van onze  dierbaren…..gij moogt niet bedroefd zijn, zoals de andere  mensen die geen hoop hebben…Wij geloven immers dat Jezus is gestorven en weer opgestaan…..evenzo zal God hen die in Jezus zijn ontslapen LEVEND MET HEM MEEVOEREN….ja, op grond van Zijn lijden dood en verrijzen…zullen we toch  eenmaal voor altijd samen zijn met de Heer, …..Hij die ons komt halen, en mee neemt….voor altijd.

 

As Jezus in het evangelie het heeft over de domme meisjes die wel hun lampen mee nemen, maar vergaten de olie mee te nemen…..

Wij hebben in onze kerk een van de heiligen, Theresia van Lisieux meegekregen….Toen ze pas gestorven was,  uitgeteerd door TBC, en om zich heen kijkend, ….ik geloof….ik wil . ik weet, maar ik zie hem niet, en voortdurend niets meer had dan de dierbare zussen en medezusters, en met de vraag….ik zie God niet, we zien Hem niet….en ze ontdekte dat Hij er is, daar waar we elkaar aankijken, en iets van de hoop van Paulus omhoog durven laten komen….

En op verzoek van haar zussen om daar in het klooster, heeft zij in een schoolschrift opgetekend, zoals zij het noemde; de kleine WEG….en ze schreef, Jezus, God, ik heb hem nooit gezien, ik heb zijn stem niet gehoord, maar ik lees en ik kijk naar zijn kruis, zoals hij daar hangt om ons  te komen halen….

En in de dagen voor ze sterven ging….zei ze zo, geef me die bloem, en die blaadjes maak ik los, en die moet je bewaren, en als ik er niet meer ben zult je kracht krijgen, en je komt er ook, jouw Licht wacht, en de Moeder van Jezus in de hemel…..

Over heel de wereld gaat een kostbare kist met haar beenderen die over zijn….en overal waar ze komt….komen mensen, en ze kijken, en ze bidden maken een kruis, en ze zien op naar het beeld van God die in Jezus mens werd.

Een keer was ik in Frankrijk in Paray-le-Monial waar een grote groep wat ouder wordende Fransen vrouwen bij elkaar kwamen….en met een van hen sprak ik…..die me  vertelde: wat heeft God dat geloof toch moeilijk gemaakt……Bijna niemand kan het begrijpen, dan enkelen….

Ik gaf haar ten antwoord, —-maar eerst zei ik: ik durf u zo maar geen  wijsheid te geven, maar ik heb het in mijn hart om tegen u te zeggen; u moet eens lezen gaan van de kleine heilige uit Lisieux,…..ze kreeg een rode kleur, het leek van woede, ze keek me aan, en jij komt hier met ons praten en bidden, en dan zeg je dit. Weet U wel dat ik een van de beste vorstelijke denkers ben, en ik moet dat schriftje van dat nonnetje gaan lezen….Ik zei, ja echt , probeer het, en er zullen tranen in je omhoog komen, en je zult Gods liefde ontdekken, dat die goede God jou aan kijkt, en je hier gelukkig maakt…..

Kijk de bruidegom …Ja, wie deze gelijkenis van Jezus leest, voelt, dat Hij het is, de Bruidegom…..Hij wil elke mens, ja ook als we bij die zwakke vergeetachtige horen, die geen olie meer hadden….

met God op weg,