Home » Preken archief » Preken B jaar 2017-2018 » Vijfentwintigste zondag
B-23/09/2018 - 25e zondag door het jaar -  voor de Zusters
 
 
“ Waar hebben jullie het  onderweg over gehad ( getwist )?
( Mc. 9,33 )
 
 
OPENING
 
In de meeste parochies worden de gelovigen meestal van harte WELKOM geheten, en eigenlijk is dat een vertaling, een dichterbij brengen van de plechtige woorden, die worden gezegd, en die ik vandaag, de eerste keer, dat ik met u de H.Mis mag vieren, zeker onder u, en aan elkaar uitspreken, als ook ons, en mijn welkom mogen zijn: 
De genade van onze heer Jezus Christus,
de liefde van God,
en de gemeenschap van de Heilige Geest zij met u allen.
Ieder van ons is , zoals St. Paulus zegt, een deel van het Lichaam van Jezus de Heer, we behoren zelfs op grond van ons Doopsel tot het mysterie van de lieve God.
Dat deze genade in ons versterkt moge worden.
 
 
Dierbare  mede gelovigen, 
 
Ja, sinds de vernieuwing in de liturgie wordt na het voorlezen gezegd, of zelfs gezongen: Zo spreekt de Heer, of ook wel : WOORD VAN GOD.
Ik mag u toevertrouwen dat in de loop van de jaren die woorden ons meer zijn gaan aanspreken…..En zeker, als je als priester of diaken zoals dat heet: de PREEK mag verzorgen.
We gaan luisteren naar wat GOD ONS HIER< leken en religieuzen> op DEZE ZONDAG in DEZE HEILIGE MIS te zeggen heeft.
Ik krijg ook steun van onze paus Franciscus die menigmaal gezegd heeft: de verkondiging van Gods Woord aan de gelovigen en niet-gelovigen van nu heeft het nodig, dat we IEMAND horen verkondigen, want velen kennen Jezus nog niet of denken Hem te ver weg, te ver van dit moment, van onze situatie…….De mens van nu wil worden aangeraakt, aangekeken, de handen opgelegd, zoals we dat in het evangelie horen.
Ja, beste mensen, na de lezingen van vandaag, wil ik met u samen nadenken over maar één zinnetje , een vraag van Jezus aan mannen met wie hij optrok: “ Waar hebben jullie het over gehad?”
 
Natuurlijk bezien we de situatie, zoals we Jezus tegen komen met zijn leerlingen…..Ze zijn op het platte land en Jezus mijdt het contact met de mensen  in de dorpen, omdat Hij zijn leerlingen wil bijpraten en uitleggen, dat zijn leven niet het leven van een HELD is, iemand met mooie woorden, die vergezeld gaan van wonderen.
Hij probeert hen duidelijk te maken, hoe Hij, de Zoon van God, mens is geworden om alles van mensen te ondergaan, en zelfs in zijn geval dat Hij ten dood zal worden gebracht op een vreselijke manier. En dat Hij is gekomen om een Rijk te brengen voor alle mensen tot in eeuwigheid!
Ze horen het wel en Hem aankijkend kunnen ze het kennelijk geen plaats geven….Hij, is deze mens die een buitengewone mens is, dat wel maar dood en  zelfs daarna verrijzenis?
Jezus vraagt hen, zoals Marcus zegt: thuis,  wat ze ondanks Zijn verhaal dan wel samen onderweg besproken hebben:
Jezus zegt:Waar hebben jullie het over gehad?……Waar hebben jullie met elkaar over gediscussieerd en kennelijk niet eens geworden…
We ondergaan dit alles, we luisteren naar zijn woorden en hoe de leerlingen met heel andere dingen bezig zijn geweest.
 
En dan: hun woordentwist lijkt ons niet aan te gaan, en wellicht zijn we geneigd om het gelezen te hebben, het evangelie goed bedoelend op zijn plaats leggen, 
 
Maar ik heb, voor de laatste jaren ontdekt…. durf dan hier met ons te luisteren naar alleen de woorden van Jezus….toen zij, en er is onder ons gezegd: Zo spreekt de Heer, ….DUS  NU wij!
Terug naar de vraag: waar hebben WIJ het over…..?
 
Deze keer, kijkend en nog een keer lezend zag ik het ineens…..
Jezus neemt een kind en zet het in het midden….Ik zie ineens  hier te lezen, dit verhaal van God naar ons.
Bij de leerlingen is het niet alleen van Jezus: een zacht corrigeren, zeggen wat fout in ons is…. Nee, God, Jezus ,Dat kind …..Ineens geen Woorden van Jezus, maar die kleine mens ……
Dat praten alleen maar, en betrapt op zwakheid….
HIER mogen we een STAP doen, die wij, die toch zijn weg gaan in ons leven, dat we er bijna niet aan DENKEN….Als het gaat over ons bidden, en praten over geloof….: wat moet ik doen, hoe kunnen we het doen…..
Maar Jezus is eerder….HIJ zet ons dit kind  voor….Ik voel dat Hij vraagt onszelf te mogen zien, in Ik reik je dit beeld aan…Ik kijk naar jou, ik zie jou als mens  in dat kind…….Ik heb je lief, ik zie dat er nog van alles kan groeien in jou, en tussen jou en mij, en tussen jou en anderen…..Hij wil je, ons laten voelen dat je bij Hem mee telt, geliefd bent, en dat je echt wel wat kunt, dat je echt wat betekent als jij, wij mens! Het is door van alles bedekt door goeie dingen….
IK wil - houd dat beeld maar in je vast - Iemand het met een paar woorden zeggen…., je kunt het vertalen wat Jezus hier zegt met dat kind in onze kring, de ontdekking van Theresia van Lisieux, die er denk ik juist om die uitspraak kerkleraar is ondanks haar toen 24 jaar.
Ze ontdekt….Ik wilde van jongs af aan een grote heilige worden…..maar na de jaren van vele goede wil ontdek ik…ik blijf maar klein, breng er niet veel van terecht, kan bijvoorbeeld bij het bidden de gedachten er niet bij houden, het rozenkransgebed is een zware toer….Ik kan die grote dingen niet van grote heiligen…..Ik wil een manier vinden om naar de hemel te gaan, langs mijn  kleine weg…We leven in de eeuw van grote uitvindingen…en op reis met Papa in Parijs
en ook in Rome, logeerden we in een groot hotel, en ik ontdekte: hoe, naar boven, met een koffer niet via de trap: er is een lift…..
Ik zou een lift willen vinden om mij op te tillen naar die Jezus, ( zoals wij hem op dit moment extra in het Licht hebben )… en ik lees toch in de Bijbel: boek van de wijsheid: als iemand heel klein is, laat hij of zij dan bij Mij komen…en ik las  ook: zoals een moeder haar kind oppakt en op schoot neemt, en kust en koestert….
Jezus pakte een kind, en laat ons zien, zoals Hij bezig is als een lift om ons te tillen naar waar we het onderweg kunnen gaan ….
 
En ik denk hierbij aan het lied dat we maandag gezongen hebben in de vespers:
O Christus, woord der eeuwigheid
dat naar ons uitging in de tijd
en DAAD werd. mens van hoofd tot voeten.
wij danken U, God die Gij zijt,
dat Gij ons menselijk wilt ontmoeten.
 
 
 
Mogelijk bij slot:
Ga maar gerust, want Ik zal met je meegaan
Ik ben je baken, ook in de diepe nacht
Ik ben de stem, die steeds in jou zal opstaan
Ik ben de hand, die op je vriendschap wacht
Ik ben het Licht dat voor je voeten uitgaat
Ik ben de wind waardoor je adem haalt!