Home » Preken archief » Preken A jaar 2016-2017 » Eenendertigste zondag
A-05/11/2017 - 31e zondag door het jaar 
 
“Gij hebt maar één Meester
en gij zijt allen broeders.”
( Mt.23:8 )
 
 
 
 
INLEIDING
 
Fijn dat ieder er is, en dat we de gezondheid hebben gekregen om hier samen in geloof bij elkaar te komen…..Misschien een goede reden om de zieken bij ons te ‘gedenken’, en de goede God hoort ons dus zeker aan hen denken.
Ook zouden we met veel meer mensen hier willen zijn, en vandaag dus ook maar eens onze wensen aan de lieve Heer meteen inbrengen….Velen kennen Hem nog niet, maar anderen zien GELOVEN als de moeite waard, als waardevol.
Bij de woorden vandaag van de profeet Maleachi , maar ook bij de woorden van Jezus zal het moeilijk zijn om niet te blijven steken bij die mensen , met name de priesters van toen genoemd, die geen goed voorbeeld geven.
We hebben een tijd gehad dat de priesters of diakens de hele tijd gebruikte om dat slechte voorbeeld voor ons weer goed te maken.
Maar, we merken dat de Heilige Geest ons op de eerste plaats wil laten kijken naar Jezus, en luisteren naar zijn Hart, bekommerd om ons mensen, om elke mens, die Hij zijn Liefde wil laten voelen.
Beginnen we met kritiek en bitterheid vooral bij God te brengen, als we daar iets van mee dragen, zodat we naar Zijn Woord van hart tot hart kunnen luisteren.
 
 
HOMILIE
 
We hebben bij de profeet Maleachi, en in het evangelie van Jezus gehoord hoe zij priesters op hun tekorten wijzen, en waardoor dat slechte voorbeeld het zicht wegneemt op God, op God zoals Hij zich aan ons wil laten zien en voelen.
We weten allemaal, dat het goed voor ons is, om ons geweten te onderzoeken, hoe we het doen tegenover God en onze medemensen.
Enkele jaren geleden heeft onze paus Franciscus, bij de wisseling van het jaar 2014 de kardinalen en bisschoppen en priesters en medewerkers keihard op de tekorten gewezen……dat vele hoge medewerkers een soort dubbele leven lijden, en lijken te lijden aan een soort geestelijke ‘alzheimer’ , en hij noemde zo’n 15 kwalen die bestreden moeten worden……. Als Christen: Geen eigen inzichten, maar dienaar zijn…..kijkend naar het voorbeeld van Jezus om Wie alles gaat.
Maar, zoals wij hier bij elkaar zijn, kunnen we uitglijden op de woorden van Jezus, en we zouden kritisch kunnen blijven stilstaan bij de priesters van Jezus tijd, en ook niet te vergeten bij de fouten en de manier van leven van bisschoppen en priesters in de kerk van nu……
Ze willen opvallen, ze houden van bepaalde kleren waardoor ze opvallen, ze letten er op of de gewone mensen ze wel netjes zouden groeten, en bij de titel noemen, we zouden het vertalen kunnen met monseigneur, of Meester of Doctor
Priesters in onze kerk hebben de taak om uit te leggen aan gewone mensen, wat God van ons wil, en hoe we met elkaar in liefde door het leven moeten gaan, samen delen en noden verlichten.
 
Jezus, Gods Zoon, Mens geworden, van Hem staat geschreven hoe gewoon Hij was, geen bezit had, alleen een steen had om zijn hoofd op te leggen…..
Jezus laat ons NU even denken aan de titel die we hebben, waarop we worden aangesproken…..er zijn onder ons die anders zijn, gezag hebben, moeten waken en  hun kinderen begeleiden, en je kunt er de titel van moeder best naast zetten…..We weten en wisten allemaal: we moeten vader en moeder eren, eerbied hebben, gehoorzaam aan hen zijn…..maar Jezus leert ons….die titels, die taak van vader en moeder van dokter of meester, komen van de lieve God zelf. God is er met zijn Liefde voor elke mens, en ja ook zeker bij de extra taak die we hebben gekregen ten opzichte van je partner, familie leden, mensen die je ontmoet op je werk of in de kerk.
Naar sommige banen kijkt men omhoog….maar Jezus doet ons voelen vanuit en in zijn eigen hart Zijn eigen belevenis: je krijgt de taak, omdat je het kunt, en wees er op uit om in anderen hun talenten te zien.
God Woord geeft ons vandaag dat mee….Dank U voor wat ik kan en mag doen……dank u voor mensen om ons heen die zich inzetten, en aangesteld zijn ook over ons, zoals we moeten gaan en kunnen gaan op de weg van het geloof…….Jezus laat ons weten en aanvoelen, hoe en wat u van ieder van ons mee geeft om goed te doen, zoals we dat met onze gaven kunnen, bescheiden, omdat we weten: alles hebben we van U gekregen.