Home » Preken A jaar 2019-2020 » Tweeëntwintigste zondag

A-30/08/2020 - 22e zondag door het jaar

 

Jeremia bad als volgt:

"Als ik, als profeet uw joodse volk  moet waarschuwen tegen de rampen van de koning van Babel:,

“Soms denk ik dan: Ik wil er niets meer van weten, niet profeteren, ik spreek niet meer in Gods Naam. Maar dan laait er een vuur in me op, in mijn hart, het brandt in mijn gebeente. Ik doe alle moeite om het in bedwang te houden, maar het lukt me niet.”

( Jer. 20:7-9 )

 

Dierbaren, 

 

Ja, het is net een week geleden, dat Petrus de sleutels kreeg, maar vandaag gaf Jezus hem een flinke veeg uit de pan, nee, niet de SLEUTELS van de kerk, of van de Hemel om mensen binnen te laten……..Jezus op weg met de leerlingen naar Jeruzalem, vertelt hen al iets wat met HEM gaat gebeuren daar…..om hen er op voor te bereiden.

Petrus kan dat niet aanhoren:,weg blijven uit Jeruzalem met wat ze met Jezus daar willen doen! want dat mag zijn Meester niet overkomen,…

En Petrus denkt misschien, na de pluim van de vorige week van Jezus te hebben gekregen: Wij weten het ook nog: 

U bent Christus de Zoon van God, Petrus neemt Jezus  daarom APART VAN DE ANDEREN….om te zeggen: dat wat JEZUS ONS NU ZEGT ECHT niet kan. ‘ Zo iets mag U nooit overkomen.

Jezus reageert zelfs fel op zijn opmerking……Hij zegt, dan : zo luister je naar de duivel, die Mij tegen wil houden van wat GOD WIL…….

Ja, als wij dit horen wat Jezus ons zegt…..Kruis en lijden….

Op de achterkant zijn woorden bij elkaar gezet, die ons spreken van Gebroken worden….. wij zijn gebroken mensen, we voelen het al, we zien het bij anderen, ons lichaam, maar ook van binnen  kunnen dingen ons breken, om wat we mee maken van anderen, wat we zien en voelen……

Petrus zou het ook gaan ervaren, in zijn toekomst, en juist omdat Hij van Jezus is…..

Als Jezus vandaag ook aan ons nog eens vertelt ..wat hem zal overkomen, hoe Hij kennelijk daar ook mee bezig is, wat op Hem af gaat komen, welke pijn…..we horen hetzelfde als Petrus toen, en we kunnen denken, toch weer aan de sleutel, die Jezus aan Petrus door gaf……..

Nu Petrus met Jezus onderweg naar Jeruzalem is, hoort hij het allemaal aan, het blijft maar in zijn hoofd spoken, maar wat Jezus ook zegt, dat hoort hij bij die vreselijke dingen die Hij opnoemt, nu net niet”

Als dat alles Jezus overkomt, dan komt Hij terug in de heerlijkheid van de Vader, vergezeld van Zijn engelen…..dan komt het eeuwig leven…daar blinken de sleutels in onze handen.

Er is lijden maar we zullen het met Hem te boven komen. Ook als kerk ervaren we van alles, hoe mensen Jezus niet meer kennen, Zijn Naam niet meer horen. En hoe zij die met Hem optrekken ineens niet meer naar de kerk konden gaan, geen sacramenten ontvangen, Hem voelen, en beleven in de gave van de Eucharistie……

Jezus is gekomen en bouwt door aan Zijn Kerk, maar Hij wil ons antwoord om mee te doen…..We mogen bidden, en roepen in nood,…maar ook vraagt Hij aan ons, dat we in die Kerk ons zelf geven…..Hij rekent op ons gebed, op onze inzet, waar we kunnen, en waar we gezien onze leeftijd….bij ontmoetingen zoeken naar goede woorden , woorden van vriendelijkheid en liefde.

Ook op de achterkant staan enkele regels van onze paus, waar we als kerk tekort schieten……Hoe zien we onze taak, naar de jongeren toe. Ik zie zoveel parochies waar niemand hen aan lijkt te spreken: jongen, meisje….en je hoort ook van jongere priesters weinig, wat en hoe…en de paus zegt hen en ons, op onze leeftijd….Wie voelt zich door Jezus geroepen om Vader,  en leider van de jongeren te worden, te zijn? 

Ze luisteren niet…zeggen we….we zien dat we geen woorden lijken te hebben: wat toezeggen? 

Ik hoor in de woorden van de paus, de stem van Jezus, die IEDER ROEPT, bidden om zijn Geest om onze muren van onmacht te zien en te doorbreken.

HET hart  van iedere jongere moeten we beschouwen als Gods heilige grond, van goddelijk leven,……de sandalen uit doen van onze onmacht, ons moe te zijn van zoeken en praten erover…met de blote voeten naar het vuur kijken, het geheim, zoals Mozes lang geleden vuur zag in de woestijn, en de struik verbrandde niet. AMEN